Maar liefst 75% van de ouders met een bijstandsuitkering heeft kinderen die later ook de bijstand induiken.

De arme bestaat niet

20 januari 2020

De intergenerationele armoede in de Veenkoloniën wordt door de RUG wetenschappelijk in kaart gebracht. Het betreft een meerjarig onderzoek dat zich nu op de helft bevindt.

Na het interviewen van 27 gezinnen is één van de bevindingen dat dé arme niet bestaat. “Elke armoedesituatie is uniek en daarom moet je zoeken naar een mix van oplossingen”, aldus Arjen Edzes van de RUG. Alleenstaande moeders met een kind vormen in de Veenkoloniën de grootste groep armen. Omdat er geen stereotype arme bestaat, moet je volgens Edzes verschillende oplossingsrichtingen inslaan.

Het onderzoek is uitgevoerd door de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en is onderdeel van een onderzoeksprogramma naar ‘generatie-armoede’. Zij hebben de onderzoeksuitkomsten gebundeld in een feitenblad. Op dit feitenblad is niet alleen informatie te vinden over generatie-armoede, maar ook over lage inkomens in de Veenkoloniën. Er is gebruik gemaakt van de meest recente cijfers van CBS, over 2017.

Bekijk het nieuwe feitenblad Armoede van generatie op generatie in de Veenkoloniën

Edzes ziet een paar trends:

  • Het totaal aandeel arme huishoudens lijkt iets te stijgen in de Veenkoloniën en het aandeel langdurige armoede blijft redelijk stabiel;
  • Een andere trend is dat het vooral kinderen en ouderen (90+) zijn die door armoede getroffen zijn. Kijk je naar het landelijk beeld, dan valt op dat er bovengemiddelde armoede bestaat in Oost-Groningen en in de stad Groningen Er schuilt veel dynamiek in armoede. Het ene jaar zijn mensen arm, het andere jaar klimmen ze er net uit. Over de periode 2011-2016 heeft 12% van de gezinnen wel eens in armoede gezeten. Opvallend is dat slechts 1% in elk jaar van die periode arm geweest is;
  • Wil je de arme huishoudens typeren, dan behoort 34% tot eenpersoonshuishoudens, 15% tot alleenstaande ouders en 27% tot huishoudens met minderjarige kinderen.

Vijf keer vaker

In de Veenkoloniën heeft bijna een derde van de ouders met een laag inkomen kinderen met eveneens een laag inkomen. Dat is vijf keer zo vaak als bij de totale groep ouders in het gebied. Dit blijkt uit onderzoek waarin het inkomen van vaders en moeders van jongvolwassen kinderen (22 t/m 26 jaar) is vergeleken met het inkomen van die kinderen. Het onderzoek laat ook zien dat 74% van de ouders met een bijstandsuitkering kinderen heeft die ook een bijstandsuitkering hebben.

Mechanismen

Maar liefst 75% van de ouders met een bijstandsuitkering heeft kinderen die later ook de bijstand induiken. Hoe komt dat? De onderzoekers van de RUG constateren dat de buurt of wijk waar het kind opgroeit een belangrijke invloed heeft, hoewel minder groot dan ze hadden verwacht. Op grond van de levensloop van grootouders, ouders en kinderen zijn mechanismen te ontdekken. Denk aan werken in plaats van leren, kinderen geen besef van geld bijbrengen, een sterke plaatsbinding, enzovoort. Door verschillen in doenvermogen, sociale bagage, nastreven van doelen, reactie en methoden in het voorzien in onderhoud, bestaat dé arme niet.

Goede banen

De mechanismen gecombineerd met mobiliteitsstrategieën leren dat er veel aandacht nodig is voor diversiteit, voor het stimuleren van nieuwe generaties in studie en werk en voor aandacht voor meer dan financiën alleen. Concrete belemmeringen zoals de kostendelersnorm, schulden uit erfenis en de overgang van school naar studie moeten worden opgeruimd. Edzes beveelt investeringen in goede arbeidsplaatsen aan, vroegsignalering van problemen, een grotere betrokkenheid in studie/werkkeuzes en steun die ‘empowered’, ofwel leidt tot het benutten van de eigen capaciteiten.

Deel dit bericht.

Meer informatie.

Volg ons.

Gerelateerd.

© 2020 CMO STAMM - Disclaimer - Privacyverklaring

Informatie m.b.t het Coronavirus

Wat een impact heeft het coronavirus op onze samenleving! Onze eerste prioriteit is dat we het virus helpen indammen. Daarom volgen we uiteraard de richtlijnen van het RIVM. En we letten een beetje extra op de mensen in onze omgeving.

Ons werk gaat zo veel mogelijk door. We kijken, natuurlijk samen met jullie, naar creatieve manieren waarop dat kan. Onze collega’s werken zo veel mogelijk vanuit huis. Daar zijn ze via mail en telefoon gewoon bereikbaar. Laten we er met elkaar voor zorgen dat we verdere verspreiding van het virus beperken. We vragen je begrip voor onze maatregelen en wensen je sterkte en creativiteit om deze tijd goed door te komen. Met elkaar kunnen we het.

X