Wat mensen zelf kunnen doen, zouden mensen ook zelf moeten doen.

Hoe mijn tante de bus pakt

3 december 2015

Een blog door Yvonne van der Weerd

Mijn tante heeft een vervoerspas. Daarmee belt ze heel geregeld een Wmo-taxi. Die komt netjes voor de deur en brengt haar waar ze maar wil. Handig, maar ook nodig?

Vorige week arriveert tante met de trein in Coevorden. Normaal belt ze vanuit de trein met de Wmo-taxi, die haar dan opwacht en naar Schoonebeek brengt. Oh nee, paniek, ze had deze keer haar telefoon thuis laten liggen. En zo stond mijn tante ineens alleen op het station. Wat te doen? Een bus…? De juiste halte liet zich helemaal niet zo moeilijk vinden en even later zat tante in een warme bus, die haar al even makkelijk vlak bij huis afzette. Om het in vaktermen uit te drukken: een mooi staaltje eigen regie!

In de discussie over langer zelfstandig thuis wonen is eigen regie een groot thema. Natuurlijk heeft mijn tante hier een eigen verantwoordelijkheid. Wat mensen zelf kunnen doen, zouden mensen ook zelf moeten doen. Het is belangrijk – zo klinkt het overal – dat gemeenten hierover het gesprek aangaan met burgers. Die communicatie is zeker belangrijk, maar er is een obstakel op de weg naar eigen regie die je met de beste communicatie niet kan wegnemen.

Bijna iedere dienstverlener in het netwerk rond zorgbehoevende burgers krijgt betaald per handeling. De Wmo-taxi rekent aan het eind van de dag per rit af. De wijkverpleger houdt iedere pleister netjes bij.

Dit verdienmodel is funest voor eigen verantwoordelijkheid en regie. De taxichauffeur van mijn tante kan op z’n minst vermoeden dat deze specifieke klant sommige ritjes best per bus afkan. Maar waarom zou hij zijn eigen brood opofferen? Of neem een wijkverpleegkundige die iedere dag langskomt om iemands wond te verzorgen, terwijl de buurvrouw dat ook best wil doen.

Mijn punt: om de eigen regie te stimuleren, is een ander verdienmodel nodig. Vaste budgetten, op basis van een populatie en haar behoeftes per wijk of dorp, zijn wellicht een goed alternatief. Je draait er de prikkel mee om. De taxichauffeur van mijn tante is ineens wel geneigd voor makkelijke ritten samen met haar te kijken of de bus een optie is. Als de wijkverpleger ziet dat de buurvrouw het ook goed kan – al dan niet met een beetje training – kan en zal ze dit adresje vrolijk van haar lijstje schrappen.

Dit heeft niks te maken met het over de schutting gooien van taken. Dit is gewoon een praktische manier van kijken naar mogelijkheden. En natuurlijk maak je afspraken over behoud van de kwaliteit. Daar zijn allerlei goede vormen voor.

Dienstverleners zijn in potentie misschien wel de beste partners in het initiëren van eigen regie. Helaas is nu het tegenovergestelde vaak waar. Het verschil zit in het verdienmodel en het is tijd om daar kritisch naar te kijken. Het heeft geen zin de blijde boodschap van burgerkracht te verkondigen terwijl de harde realiteit vast zit in perverse prikkels voor de instellingen die met die burgers werken. Daarbij moet het een uitdaging en kans zijn voor professionals om samen te werken met huidige burgerinitiatieven. Niemand wordt minder van dit systeem. Dienstverleners hoeven zich namelijk helemaal geen zorgen te maken, want er blijft werk genoeg de komende jaren.

En mijn tante? Mijn tante had in de bus ‘zo’n leuk gesprek gehad met een jongedame uit Emmen’. Een mooie bijkomstigheid: wie zelf wat doet, maakt wat mee.

Deel dit bericht.

Meer informatie.

Volg ons.

Gerelateerd.

© 2019 CMO STAMM - Disclaimer - Privacyverklaring

X