Welke verklaringen hebben Groningers en Drenten zélf voor hun hoge zorggebruik?

Opvallende verschillen in gebruik voorzieningen sociaal domein geduid

6 april 2017

In de provincies Groningen en Drenthe is het gebruik van sociaaldomeinvoorzieningen hoger dan het landelijke gemiddelde. Sociaaldomeinvoorzieningen zijn voorzieningen die gerelateerd zijn aan de decentralisaties van de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet. Hoe komt het dat dit gebruik hier hoger is? Uit de inventarisatie naar mogelijke verklaringsrichtingen komt naar voren dat er sprake is van een combinatie van factoren.

Grote verschillen

In de studie Overall rapportage sociaal domein 2015 van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), werden verrassend grote regionale verschillen in het gebruik van sociaaldomeinvoorzieningen geconstateerd. In Groningen en Oost-Drenthe wijken de gemiddelden af van het landelijk gemiddelde, net als in Noord-Friesland en Limburg, – ook na correctie voor demografische en sociaaleconomische verschillen.

Gefundeerde discussie nodig
Het is ons inziens belangrijk om samen goed na te denken hoe dit relatief hoge gebruik van sociaal domeinvoorzieningen verklaard kan worden, juist om na te denken hoe we in onze regio mensen perspectief kunnen aanreiken. Zodat ze, meer dan nu, vertrouwen hebben in de toekomst en hun leven meer in eigen hand kunnen nemen. Het is nodig om deze discussie gefundeerd en genuanceerd met elkaar te voeren.

Brede verkenning
Om inzicht te krijgen in factoren die de door het SCP gevonden verschillen zouden kunnen verklaren, voerde Platform31 in nauwe samenwerking met ons, Sociaal Planbureau Groningen en CMO STAMM een kwalitatieve verkenning uit in onze krimpregio’s Noordoost-Groningen en Oost-Drenthe.

Deze verkenning heeft nadrukkelijk het karakter van een brede inventarisatie: de zoektocht was erop gericht zoveel mogelijk plausibele verklaringen te verzamelen. Daarvoor zijn eind 2016 rondetafelgesprekken gehouden met lokale beleidsmakers, vertegenwoordigers van uitvoeringsorganisaties en experts. In een open gesprek zijn ze uitgenodigd om te reflecteren op mogelijke verklaringen voor het geconstateerde hoge voorzieningengebruik in hun regio.

Mogelijke verklaringen
In het rapport Regionale verschillen geduid zijn met de nodige omzichtigheid zes verklaringen aangereikt die in samenhang het relatief hoge voorzieningengebruik in krimpregio’s mogelijk verklaren. Het rapport wijst met name op de sociaaleconomische uitsortering en de toenemende concentratie van kwetsbare huishoudens. Ook wijzen we erop dat in deze gebieden mensen wonen die wellicht nét wat kwetsbaarder zijn, ook al is dat moeilijk met bestaande statistische indicatoren zichtbaar te maken. Daarnaast wijzen we op institutionele factoren, dat wil zeggen op de uitvoeringsculturen van gemeenten en betrokken instanties. Ook de culturele component wordt benoemd, met verwijzing naar de economische en politiek-religieuze geschiedenis van de onderscheiden streken. Deze culturele component zou de psychologische reactie van veel kwetsbare bewoners verklaren om te kiezen voor zekerheid. Ze zijn (begrijpelijk) beducht uitkeringssituaties en andere afhankelijkheidsrelaties van de overheid te verruilen voor de ongewis- en onzekerheden van een flexibiliserende arbeidsmarkt voor laaggeschoolden.

Eigen kracht

In het rondetafelgesprek is oók gewezen op de aanwezige eigen kracht en op de veerkracht van veel bewoners. Het is de uitdaging om deze eigen kracht aan te boren, deze te richten en waar nodig te faciliteren en te ondersteunen vanuit het sociaal domein – juist om een bijdrage te leveren aan het terugdringen van sociale en economische ongelijkheid –, om daarmee ook het sterke beroep op (materiële) ondersteuningsstructuren van de overheid te verminderen.

Oppassen voor generalisaties en eenzijdig beeld

Enige kanttekeningen zijn op z’n plaats. Zo werd ook al in de gesprekken gewaarschuwd voor overgeneralisaties, juist waar het gaat om culturele factoren. De duidingen van de gespreksdeelnemers roepen samen een enigszins somber beeld op. Daar past de kanttekening bij dat het onderwerp van deze verkenning – het verklaren van het relatief hoog voorzieningengebruik in het sociale domein – het zoeklicht automatisch legt op de problematische kanten van deze regio’s. Oftewel: het onderwerp dwong deze eenzijdige manier van kijken af. De economische en sociale dynamiek die in deze regio’s wél aanwezig is, bleef daardoor goeddeels buiten beeld.

Bouwstenen voor verder onderzoek

Het rapport ‘Regionale verschillen geduid’ vormt het resultaat van een exploratief onderzoek. Het rapport pretendeert geenszins definitieve antwoorden te geven op de vraag hoe de verrassend grote verschillen te verklaren te zijn. Wel reikt het stof tot nader onderzoek aan. De uitkomsten worden later dit jaar door het SCP gebruikt als bouwstenen voor een kwantitatieve verdiepende studie over dit onderwerp.

KLIK HIER voor de SAMENVATTING

Hebt u nog vragen of wilt u meer informatie met betrekking tot dit onderzoek? Martin Bakker en Marja Janssens staan u graag te woord.

Deel dit bericht.

Meer informatie.

Volg ons.

Gerelateerd.

© 2018 CMO STAMM - Disclaimer

X